“Niemand helpt mij,” verzuchtte de moeder aan de telefoon.
Ze vertelde dat de gemeente haar had geholpen met financiële ondersteuning. Fijn, zeker. Maar toen het ging om iets anders – misschien wel het belangrijkste – werd het stil: hoe zorg je ervoor dat haar tweejarige kind contact kan houden met zijn vader in detentie?
Er was wel een doorverwijzing gedaan. Naar een andere afdeling, ergens binnen jeugd. Die zouden contact opnemen met de casemanager van de penitentiaire inrichting. Of dat al gebeurd was? Geen idee. Tot nu toe had ze nog niets gehoord. Dus belde ze ons.
Van kastje naar de muur
Dit verhaal staat niet op zichzelf. Moeders bellen onze advieslijn omdat ze geen weg weten in het systeem. Ze zijn zelf op zoek naar oplossingen. Proberen uit te vinden hoe ze een bezoekregeling kunnen regelen. Hoe ze hun kind kunnen voorbereiden. Hoe ze überhaupt ergens moeten beginnen.
Te vaak horen we: “Ik word van het kastje naar de muur gestuurd.”
Er is zelden iemand die proactief informatie geeft. Zelden iemand die even meedenkt. En ondertussen ligt de verantwoordelijkheid bij hen – bij de ouders die thuis voor het kind zorgen na een ingrijpende gebeurtenis.
Zij moeten hun kinderen uitleg geven.
Zij moeten steun bieden.
Zij moeten het contact onderhouden.
Maar hoe doe je dat, als je zelf ook zoekende bent?
Kleine kinderen, grote impact
Juist de allerkleinsten worden vaak vergeten. Terwijl zij misschien wel het meest geraakt worden.
In gesprekken horen we het steeds terug: jonge kinderen die net aan het hechten zijn, die dagenlang roepen om hun vader of moeder. Voor hen zijn foto’s soms het enige houvast.
Contact is dan niet ‘een extraatje’. Het is essentieel. Sterker nog: het herstellen en behouden van de band tussen ouder en kind is een belangrijke beschermende factor voor de ontwikkeling van het kind. Het helpt kinderen om zich veilig te blijven voelen, ondersteunt hun emotionele ontwikkeling en vergroot hun veerkracht in een moeilijke situatie.
Maar dat contact organiseren is ingewikkeld. En de omstandigheden helpen niet altijd. De regels rondom bezoek verschillen. Wat de ene keer wel mag – even aanraken, een knuffel – mag de andere keer niet. Voor een jong kind is dat niet te begrijpen.
Deze onvoorspelbaarheid zorgt voor stress. Bij het kind én bij de ouder.
Families voelen zich niet gezien
Tijdens het Children of Prisoners europe (COPE) congres in juni 2026 in Milaan kwam het helder naar voren: families voelen zich genegeerd. Die ervaring herkennen wij maar al te goed. Soms lijkt het alsof families worden gezien als onderdeel van het probleem, in plaats van als een essentieel deel van de oplossing. Alsof zij automatisch meedragen in de schuld. Terwijl zij juist degenen zijn die alles draaiende houden. De moeder die achterblijft, moet vaak ongelooflijk veel dragen:
- omgaan met stress na een inval of arrestatie
- zorgen voor haar kinderen
- emotionele steun bieden
- praktisch alles regelen voor haar (ex-)partner
En dat vaak zonder duidelijke informatie of ondersteuning.
Het kan anders
Wat als we het omdraaien? Wat als we families niet zien als een risico, maar als een kracht? Wat als we hen actief ondersteunen, zodat zij hun kinderen kunnen ondersteunen? Bij Expertisecentrum K I N D geloven we dat dit kan. En moet.
Daarom hebben we praktische hulpmiddelen ontwikkeld, zoals de gids “Jij staat er niet alleen voor” voor ouders en verzorgers. En voor professionals de infographic “Ouder in de gevangenis”, met eerste handvatten om in gesprek te gaan en passende ondersteuning te bieden. Ook pleegouders en begeleiders kunnen bij ons terecht voor advies, materiaal en een e-learning.
Meer dan informatie: begrip en ruimte
Maar misschien nog belangrijker dan informatie is iets anders: begrip. Wanneer een familie aanklopt met een vraag, hebben ze vaak al een lange weg afgelegd. Ze hebben gezocht, geprobeerd, teleurstellingen ervaren. Ze komen niet voor niets. Wat ze nodig hebben, is iemand die luistert. Meedenkt. En hen serieus neemt. En ja, soms betekent dat ook ruimte maken voor contact. Een aparte, veilige plek waar ouder en kind elkaar kunnen zien. Ook in de gevangenis. Waar een knuffel wél mag. Want voor een kind is dat geen detail. Dat is alles.
Kortom: Erken families als belangrijke partners, niet als bijproduct van detentie. Want als we echt willen dat kinderen zich gezond kunnen ontwikkelen, kunnen we het ons niet permitteren om hen – en hun gezinnen – aan hun lot over te laten.
Deze column is geschreven door Winie Hanekamp, gedreven kracht en manager bij Expertisecentrum K I N D. Vanuit de advieslijn en het dagelijks contact met families, kinderen en professionals deelt zij ervaringen uit de praktijk om aandacht te vragen voor de positie van kinderen met een ouder in detentie.



